Mantelzorg met een prijskaartje

,

Gepubliceerd in dagblad Trouw, 26 oktober 2012.

Home Instead biedt ‘betaalde mantelzorg’, zodat ouderen zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen. Het bedrijf zet vijftigplussers in die koken, opruimen, boodschappen doen en ouderen gezelschap bieden. ‘Babyboomers kunnen best wat betalen voor een fijne oude dag.’ 

Er werden meteen Kamervragen gesteld. Wist de minister dat een Amerikaanse multinational het oog had laten vallen op de Nederlandse thuiszorgmarkt? De SP zag de bui al hangen: een Amerikaanse commerciële zorginstelling – dat betekende vast ‘onderbetaalde buitenlandse arbeidskrachten’ en verslechtering van de kwaliteit van zorg. Dergelijke commerciële praktijken hoorden toch niet in Nederland thuis? Eric Kindt kan erom glimlachen. Hij is één van de drie oprichters van de vorig jaar geopende Nederlandse vestiging van het franchisebedrijf Home Instead. “De minister gaf het enige goede antwoord: iedereen mag in Nederland een zorgbedrijf opzetten, mits je je houdt aan de Nederlandse wetten.”

Voor Kindt en zijn mededirecteuren Laurens de Goeij en Bas Steenbergen was het commerciële Home Instead juist een logische keuze. “Het aantal ouderen neemt toe, de druk op de zorg wordt alsmaar hoger “, licht Kindt toe. “Oude mensen willen graag zo lang mogelijk in hun eigen huis blijven wonen, maar er is ontevredenheid over de kwaliteit van de thuiszorg. Tegelijkertijd trekt de overheid zich terug: steeds vaker wordt een beroep gedaan op de burgers om zelf zorg te organiseren en te financieren. Er moest dus een bedrijf komen dat de behoefte van de klant als uitgangspunt heeft, en niet datgene wat toevallig vergoed wordt.” Home Instead biedt geen medische zorg, maar service: de medewerkers leveren de hulp die nodig is voor de ouderen om thuis te kunnen blijven wonen.

Mevrouw Pietersen noemt het ‘betaalde en gespecialiseerde mantelzorg’, en ook: ‘een geschenk uit de hemel’. De moeder van Pietersen heeft net als de meeste klanten van Home Instead de ziekte van Alzheimer in een beginnend stadium. Drie keer per week komt een zogenaamde ‘caregiver’ van Home Instead drie uur bij Pietersens moeder langs. De caregiver doet met Pietersens moeder boodschappen, ze eten samen, ze begeleidt haar tijdens een bezoek aan de tandarts, of brengt haar naar een afspraak. Zelf lukt het Pietersen niet al die taken op zich te nemen. Dat komt niet alleen doordat ze het druk heeft met haar baan en haar eigen gezinsleven. “Ik zou een verstoorde relatie krijgen met mijn moeder”, zegt Pietersen. “Mijn moeder is heel lief, maar ze heeft ook sterke meningen en is soms lastig. Ze kan er niets aan doen, het komt door haar ziekte. Als buitenstaander kun je daar met afstand naar kijken en rustig mee omgaan, maar als dochter kom je sneller in een ruzie terecht.” Nu de caregivers de praktische zaken op zich nemen, heeft Pietersen weer ruimte om leuke dingen met haar moeder te doen.

Pietersen meent dat er een taboe rust op dit onderwerp. “Mensen met Alzheimer schamen zich in het begin vaak voor de ziekte. Toen mijn moeder een gebroken heup had, vond ze het normaal dat ze hulp kreeg. Maar nu ontkent ze dat er iets aan de hand is, en vindt ze het moeilijk hulp te accepteren.” Pietersen is dan ook niet haar echte naam: haar moeder wil niet dat iemand erachter komt dat ze hulp krijgt. Pietersen heeft met haar moeder ook reguliere thuiszorg geprobeerd, maar dat ‘werkte’ niet. “De thuiszorgmedewerkers waren veel strenger. Ze zeiden wat mijn moeder moest doen, dan gaat ze tegenstribbelen. Bovendien was het lastig dat het steeds andere medewerkers waren. Je wist ook nooit precies hoe laat ze kwamen, en mijn moeder heeft een drukke agenda.” Nu heeft haar moeder twee vaste caregivers, die niets opleggen maar de dingen in goed overleg met haar moeder samendoen. “Mijn moeder heeft echt een vertrouwensband met hen opgebouwd – dat gebeurt haar niet vaak meer.”

De band tussen caregiver en klant is cruciaal voor goede zorg, zegt directeur Kindt. “Klanten kunnen bij ons hun voorkeuren opgeven, wij maken vervolgens een match tussen klant en caregiver. We kijken of ze bij elkaar passen qua achtergrond en interesses. Pas als de klant de caregiver goedkeurt, beginnen we.” Die band is zo belangrijk, omdat ze de klanten voor eenzaamheid kan behoeden. “Veel oude mensen raken geïsoleerd, wat negatieve gevolgen heeft voor de gezondheid. Gezelschap bieden en samen koffie drinken behoort ook tot onze diensten.”

Dit gezelschap kost de ouderen 25 euro per uur exclusief belasting, praktische diensten zoals helpen aankleden kost twee en een halve euro extra. De diensten van Home Instead worden niet vergoed vanuit de AWBZ of de WMO. Het is wél toegestaan om Home Instead (gedeeltelijk) te betalen met een persoonsgebonden budget, hiervan maakt ongeveer een derde van de klanten gebruik. Hoewel de vraag iedere maand met meer dan de helft groeit, zijn mensen nog niet gewend aan het idee dat ze zelf moeten betalen, geeft directeur Laurens de Goeij toe. “Ik merk het ook aan mijn eigen moeder. Ze heeft best een paar centen, maar ze wil ze niet gebruiken voor zorg. Onder veel mensen heerst nog het idee: ik heb ervoor gewerkt, de maatschappij moet nu voor mij zorgen. Dat is achterhaald, Vadertje Staat kan het niet meer allemaal in zijn eentje oplossen. Veel ouderen kunnen best wat missen. Vooral bij de babyboomgeneratie die nu oud wordt, zit veel geld. ”

De 70-jarige Corrie Kenter is wat dat betreft teleurgesteld in haar generatie. Al een paar keer probeerde ze kennissen over te halen hulp te zoeken. “Ze klagen over de zorg die ze krijgen, maar ze vertikken het geld uit te geven voor een fijne oudedag. Dat vind ik zo zonde! Ik zie namelijk zelf hoezeer mijn klanten er baat bij hebben.” Sinds een half jaar is Kenter caregiver. Na de pensionering van haar baan als coördinator in een hospice, had ze ‘tijd over’, en wilde ze weer aan de slag. Home Instead bleek in het bijzonder op zoek naar werknemers van vijftig jaar of ouder. “Wij vinden het zonde dat deze leeftijdsgroep er bij andere organisaties vaak wordt uitgebonjourd”, zegt Kindt. “Deze werknemers zijn flexibel, ze hebben levenservaring en zijn vaak heel gemotiveerd om te werken.”

Kenter heeft twee klanten, die ze ieder twee keer per week opzoekt. Ze krijgt er  13,50 euro per uur voor, ongeveer evenveel als het cao-loon in de thuiszorg. “Niet veel, maar het werk is ook niet bijster zwaar. Ik heb de luxe dat ik er niet van hoef te leven.” Eén van haar klanten is een mevrouw die door een beroerte half verlamd is. Meestal helpt Kenter haar met de administratie, soms ruimt ze op of maakt ze een ontbijtje. “De eerste keer schrok ik wel. Ze was recalcitrant, ze drinkt graag een glaasje, en het huis was rommelig. Het is belangrijk in dit werk niet je eigen normen op te leggen. Als ik binnenkom en er staat afwas, ga ik niet meteen alles schoonmaken. Ik kijk wat mevrouw zelf wil. We doen alles op haar tempo en op haar manier. Het is haar leven, haar huis. Ik merk dat ze door de warmte en aandacht van mij en de andere caregivers rustiger wordt. Ze doet tegenwoordig haar best er leuk uit te zien, en ze is een cursus schilderen begonnen. Ik vind het fijn dat ik zo iets voor iemand kan betekenen. Het gaat verder dan een paar uurtjes helpen, je leert iemand echt kennen.”

Ondanks de band met haar klanten vindt Kenter het niet moeilijk de grenzen te bewaken. “Ik kijk niet op tien minuten, maar als de tijd om is, brei ik er wel een einde aan. Ik kan niet langer blijven omdat het koffiedrinken zo gezellig is.” Directeur Steenbergen: “Sommige caregivers hebben daar moeite mee. Er kwam laatst iemand vragen of ze niet een keer op zaterdag bij haar klant kon langsgaan om haar echtgenoot voor te stellen, voor de gezelligheid. Dan zeggen wij toch: nee. Je bent een dienstverlener, en daarvoor moet betaald worden. Je moet wel professioneel blijven.”

Meer vestigingen
Home Instead is een Amerikaanse franchiseorganisatie met bijna 1000 vestigingen over de hele wereld, waarvan 400 buiten de VS in bijvoorbeeld Engeland, Japan, Duitsland, Finland en Australië. Eric Kindt, Laurens de Goeij en Bas Steenbergen kochten de rechten om het concept ook in Nederland te mogen aan bieden. Nu is er alleen nog een vestiging in Heemstede, in januari wordt door franchisenemers in Nijmegen een tweede vestiging geopend. “Het doel is een landelijke dekking, over zes jaar hoop ik dat er al ruim dertig lokale vestigingen zijn”, zegt Kindt. “Door de franchiseconstructie kunnen we kleinschalig en persoonlijk blijven: iedere franchisenemer is een lokale ondernemer die zijn caregivers en klanten kent.” De franchisenemer is zelf verantwoordelijk, maar wordt bijvoorbeeld bij de financiële administratie en de opleidingen van de caregivers ondersteund door het hoofdkantoor van Home Instead Nederland in Hee